Historiek
Historiek...
Reeds op 25 januari 1887 werd te Mechelen een "Maatschappij
tegen wreedheid jegens de Dieren" gesticht.
Dit kwam zeker niet te vroeg als wij nagaan hoe onbarmhartig
de dieren toen werden mishandeld, verwaarloosd of gewoon aan
hun lot overgelaten. We lezen: "honden worden afgebeuld
en gemarteld, bokjes en geiten die uitgehongerd zijn, worden
levend van hun huid ontdaan…"
Vooral honden moesten het zwaar ontgelden, zij waren in feite
"het paard van de minder gegoeden". Het waren goede
trekdieren en stelden weinig eisen: geen stal, geen speciaal
voedsel, weinig onderhoud of verzorging.
Reeds in 1867 had de Provincie een reglement uitgevaardigd
"op het gespan der honden", goedgekeurd bij het
Koninklijk Besluit van 23 augustus: "de ingespannen honden
moeten met een metalen korf gemuilband zijn; zij moeten gebonden
worden aan de dissel met een ketting, 30 cm lang, bij middel
van een veer of ringhaak aan de halsband gesnoerd. Het gespan
zal stapsgewijs gaan in de straten, op de draaiwegen, bij
het naderen van bespannen rijtuigen ; de karren zullen bij
nacht in de bewoonde streken der gemeente, ter rechter zijde,
van een lantaarn voorzien zijn, welke bij het invallen van
de avond zal zijn ontstoken. In geval van zware mist of liggende
sneeuw zal ten minste één hond van een belleke
voorzien zijn.
Het is aan de voerman verboden gebruik te maken van zweep,
van klink of kletskoord voorzien. Karren getrokken door slechts
één hond, mogen niet meer laden dan een totaal
gewicht van 100 kg.
In 1897 was Jozef Niemants, Schuttersvest 52, voorzitter van
die vereniging ; Jacques Mastboom uit Battel was ondervoorzitter
; Leon Diercxen, Bruul 76, was de secretaris ; Denis Waroquiers,
Colomastraat 13, tweede secretaris en Frans De Blauw van de
Steenweg 9 de penningmeester. Hun lokaal was gevestigd in
« Cave de Munick » Ijzerenleen 9. Een jaar later
werd Mastboom de nieuwe voorzitter.
De maatschappij telde toen 149 leden, « waarvan een
groot deel niet-betalenden »en de ontvangsten beliepen
357 frank.
Daar die maatschappij wel toezicht mocht uitoefenen op de
behandeling van dieren, maar toen nog nog geen eigen asiel
had en niet bestraffend mocht optreden, stelden sommige steden
en gemeenten inspecteurs aan, die alle gevallen van dierenmishandeling
moesten onderzoeken en rapporteren en die zelfs bevoegd waren
proces-verbaal op te stellen. Die mishandeling betrof niet
alleen honden, mar ook het te zwaar laden van de trekpaarden,
het hanengevecht, het blindmaken van vinken, het roven van
vogelnesten, het vangen van mezen en andere vogels die insecten
eten
Te
Mechelen werd op 1 januari 1898, Henri Schaffeneers aangesteld
als inspecteur. Hij oefende zijn taak uit tot aan zijn dood
op 2 oktober 1927.
Hij woonde op Nekkerspoel, op de hoek met de Weidestraat,
in welke straat hij een werkplaats had waar hij paarden besloeg.
Als inspecteur met uniform en pet, deed hij honderden huisbezoeken
wanneer er klachten waren over mishandeling of verwaarlozing
van dieren. Hij inspecteerde ook in het Stedelijk Slachthuis
of het slachten van dieren wel normaal verliep ; hij woonde
het lossen van vee bij op het goederenstation van Nekkerspoel
van waaruit de dieren te voet naar het slachthuis werden gedreven.
Als hij vaststelde dat een koe, vaars of welk dier ook, hinkte
of gebreken vertoonde, eiste hij dat deze dieren zouden vervoerd
worden per wagen, om hen verder lijden te besparen.
Hij hield ook toezicht op het afmaken van honden en katten
en op het vervoer van krengen naar het vilbeluik, dat in die
jaren te Willebroek was gevestigd.
Schaffeneers had de naam van streng op te treden tegen overtreders.
Wanneer hij paarden zag afjakkeren en zweepslagen krijgen
omdat zij te zware vrachten niet over de Groot- of Fonteinbrug
kregen dan maakte hij zonder pardon proces-verbaal.
Bij trekhonden die gebukt onder de kar liepen, eiste hij dat
de as van de wielen hoger moest worden geplaatst. Wanneer
de kar stilhield, hield hij toezicht of er wel een plank op
de grond werd gelegd waarop de hond zich kon uitstrekken.
Natuurlijk deed men ook beroep op Schaffeneers wanneer hondenstaarten
moesten worden ingekort, gebroken poten gespalkt, doornen
of scherpe voorwerpen uit de poten moesten worden getrokken.
Zelfs voor kleine operatieve ingrepen op katten, honden en
andere kleine huisdieren.
Om al zijn verdiensten ten bate van het dier kreeg hij in
november 1907 een diploma met decoratie, die hem tijdens een
bescheiden huldeviering werd toegekend.
Eerst in 1932 gelukte de « Maatschappij tegen wreedheid
jegens de Dieren » er in een eigen dierenasiel uit te
bouwen in een privaat eigendom, Vrijgeweidestraat 9, dat op
15 januari werd opengesteld.
In een persmededeling van toen lezen wij : « …dat
men zich aldaar kosteloos kon ontmaken van een versleten (
! ! !), ziek, gekwetst of verloren huisdier, en dat ze, op
aanvraag zelfs aan huis zouden worden afgehaald ». Het
bericht voegt er aan toe : « …slechts gedurende
vier dagen worden de nog goede beestjes gevoed en verzorgd
tot men ze komt terugeisen of tot er een liefhebber wordt
gevonden. Zoniet worden zij op een menselijke wijze om het
leven gebracht ».
Door een uitreiking van diploma's en eretekens die op 8 juli
1934 plaats had, kennen wij ook de namen van het toenmalige
bestuur : voorzitter Dr Andries, secretaris Van der Donckt,
bestuursleden : politiecommisaris G.Verstraeten, A.Vloeberghs,
J. Huske en Charles De Blauw…
(teksten opgezocht door Frans Vermoortel)
Na de tweede wereldoorlog werd de « Maatschappij tot
Bescherming der Dieren » opgericht te Mechelen. De heer
Karel Verschaeren was een van de baanbrekers die alles inzette
opdat het lot van zijn beschermelingen zou verbeteren. De
enige ons nog bekende medestichter was de heer Beguin van
de Koningin Astridlaan, die tot zijn overlijden erelid was
en een belangrijk donateur.
Tot in 1972 was Karel Verschaeren voorzitter van deze vereniging.
Toen moest hij om gezondheidsredenen er het bijltje bij neerleggen.
Na een sluiting van één jaar, met alle moeilijkheden
ervan, vroeg de Stad Mechelen aan de vroegere bestuursleden,
om het asiel terug te openen.
In 1973 werd dus een nieuwe start genomen met als voorzitter
Van de Velde Philippe.en Karel Vogelaar (de huidige voorzitter)
als ondervoorzitter. Het asiel was toen gelegen aan de Lierse
steenweg. Het was eigendom van Veeweyde Brussel, die ons het
asiel afstond voor een jaarlijkse huurprijs van 1.000 frank.
In 1986 betrok « Dierenbescherming Mechelen VZW »
haar nieuw asiel aan de Slachthuislaan te Mechelen. Deze nieuwbouw
was mogelijk geworden door een nalatenschap, die ons toeliet
een modern en aan de tijd aangepast asiel op te bouwen. Het
terrein werd ons onder vorm van opstalrecht aangeboden door
de Stad Mechelen.
|